Les 11 · 5 minuten lezen
ETIKETTEN LEZEN IN ZESTIG SECONDEN
Zes trucs voor in het winkelrek
In het kort
- Reken altijd om naar je échte portie, niet naar 100 g.
- Meer vet dan koolhydraten per 100 g? Waarschijnlijk oké.
- Volgorde in de ingrediëntenlijst = hoeveelheid.
1. Kijk naar je échte portie
Etiketten tonen bijna altijd de kolom per 100 gram. Een zakje van 40 gram met 60 gram koolhydraten per 100 gram geeft 24 gram: je hele dagbudget in één zakje dat je onderweg naar huis leeg hebt.
2. Zoek "koolhydraten, waarvan suikers"
Onder koolhydraten staan in Europa al geen vezels meer, dus dat cijfer is meestal je nettogetal. Suikeralcoholen zoals maltitol en sorbitol tellen half mee, maar geven bij veel mensen darmlast. Dat is geen detail als je uit eten gaat.
3. Lees de ingrediëntenlijst, niet enkel de tabel
Volgorde is hoeveelheid. Staat er in de eerste vier ingrediënten dextrose, glucosestroop, maltodextrine, siroop, honing, moutextract of "natuurlijk aroma", leg het terug.
4. De vuistregel
Meer gram vet dan gram koolhydraten per 100 g? Waarschijnlijk oké. Omgekeerd? Waarschijnlijk niet.
5. Wantrouw light, 0% en fitness
Gaat vet eruit, dan gaat suiker of zetmeel erin om de smaak te redden. De volle versie is bijna altijd de betere keuze. Volle yoghurt, volle mozzarella, echte mayonaise.
6. Wees streng op sauzen en marinades
Een gemarineerde kipfilet of een rek ribbetjes kan tien tot vijftien gram koolhydraten verstoppen. Koop naturel vlees en doe zelf boter, mayo of aioli erbij. Smaakt beter, kost minder, telt niet mee.
